Door welke bril kijk ik?

TREFWOORDEN

Interpreteren, objectief waarnemen

DOEL

Ervaren in hoeverre je geneigd bent tot objectief waarnemen en tot het interpreteren van een waarneming.

WERKWIJZE

Je komt de ruimte binnen en je gaat hangend in een stoel zitten, handen in de zakken en je vertelt een kort verhaal (bijvoorbeeld over een vakantie, het weer of je familie). Je stapt uit je rol en vraagt wat de deelnemers gezien hebben.

NABESPREKEN

  • In hoeverre is er sprake van een interpretatie (bijvoorbeeld: jij was moe omdat je
onderuitgezakt zat op een stoel) of van een
objectieve waarneming (bijvoorbeeld: je zat onderuitgezakt op een stoel)?
  • Hoe kun je objectief waarnemen?
  • Hoe kun je het effect van een objectieve waarneming op jou aangeven?

VARIATIE

Je geeft een deelnemer los van de groep een korte instructie en laat een nieuwe scène uitspelen voor de deelnemers en je bespreekt dit centraal na.